Business

Is er in de stad nog plek voor industrie, of krijgen woningen prioriteit?

Daar heb je er weer zo eentje, dacht Manolito Kool. Iemand die denkt dat de NDSM-werf in Amsterdam-Noord alleen maar een hip yuppengebied is. Of er écht nog scheepsbouw plaatsvond, had zijn nieuwe huisarts gevraagd.

Kool had hem net verteld dat hij bij de reparatiewerf om de hoek werkte. Net als z’n buurman, en honderden andere lassers, metaalbewerkers en schilders uit Amsterdam en de rest van Noord-Holland. „Drie minuten fietsen vanaf de huisartsenpraktijk of zo.”

De huisarts had hem verbaasd aangekeken. Een van de grootste werven van Noordwest-Europa? Die waren hier toch allang weg? Kool: „Mensen associëren het NDSM-terrein alleen nog maar met festivals. Niemand heeft enig benul dat er een werf zit.”

Nog wel, ja. Maar mogelijk is Damen Shiprepair Amsterdam (zo’n 110 vaste werknemers en gemiddeld enkele honderden externen) over een paar jaar óók een plek met vooral woningen, cafés en ateliers. De gemeente Amsterdam is, geconfronteerd met de grootste woningnood in decennia, van plan op het 15 hectare grote terrein, dat binnen de ringweg ligt, woningen te bouwen. Waar nu jaarlijks zo’n 150 tankers, sleepboten en rondvaartboten de gigantische droogdokken binnenvaren, moeten straks woontorens komen, met appartementen die stuk voor stuk een spectaculair uitzicht over het IJ bieden.

Daarvoor moet alleen wel de laatste grote werf sluiten, tevens een van de laatste grote industriële bedrijven in Amsterdam. En dat is inmiddels een ongemakkelijke kwestie geworden, die planologen, de Amsterdamse politiek én de Tweede Kamer bezighoudt. Want praktische banen schrappen, zeldzaam in de hoofdstad, daar voelt niemand zich fijn bij, zelfs als het de woningnood terugdringt.

De gemeenteraad, in meerderheid vóór bouwen op het terrein, heeft het gemeentebestuur unaniem opgeroepen zich tot het uiterste in te spannen om een andere oplossing te vinden. Dat deed een meerderheid van de Tweede Kamer ook. Van links tot rechts begrijpen partijen dat de botsende belangen indirect iets zeggen over de stad die Amsterdam wil zijn. Is er nog plaats voor industrie en bijbehorende arbeidersbanen? Of krijgt oplossing van de woningnood prioriteit, waardoor het overwicht van de diensteneconomie nog verder toeneemt?

Een zee van kranen

Tjeerd Schulting van Damen wijst op een modern, glazen kantoorgebouw aan de overkant van het IJ. De 46-jarige directeur heeft net een rondje gelopen over zijn werf, langs de schepen die nu in reparatie zijn en die de skyline van het Amsterdamse centrum aan het zicht onttrekken: het honderden meters lange, bij een botsing beschadigde vrachtschip My Vision; een van de sterkste sleepboten ter wereld; een binnenschip. Werkmannen sleutelen aan de scheepsschroeven, verven boegen of gritstralen roeren.

„Dat kantoorgebouw, daar aan de overkant”, zegt Schulting met een grimas, „kunnen ze meteen omzetten in woningen als wij hier weg zijn.” Nu mag dat nog niet: de werf heeft een ‘milieucontour’ voor bijvoorbeeld geuroverlast – daarbinnen mag je niet wonen. De vastgoedontwikkelaar heeft alvast geanticipeerd op een sluiting van de werf.

Het is een understatement om te zeggen dat Damen Shiprepair (jaaromzet circa 70 miljoen euro) op een complexe locatie ligt. Decennialang was dit gebied het thuis van de Amsterdamse scheepsbouw, een industriegebied buiten de stad, waar bedrijven als de NDM, de NDSM en de ADM met duizenden arbeiders te midden van een zee van kranen schepen bouwden en onderhielden. Maar de afgelopen jaren is bijna het hele gebied volgebouwd met appartementencomplexen, cafés en hotels. Pal naast Damen Shiprepair zijn op de plek waar eerst kraanrails van het bedrijf liepen, kantoren voor tientallen mediabedrijfjes gekomen.

De locatie waar Damen Shiprepair ligt, was met bedrijven als de NDM. de NDSM en de ADM decennialang het thuis van de Amsterdamse scheepsbouw. Damen wist het als enige werf vol te houden.
Foto Olivier Middendorp

Damen heeft het als enige werf weten vol te houden in dit hippe stukje Amsterdam. Terwijl branchegenoten langs het IJ in de jaren tachtig en negentig failliet gingen, bleef deze door ingewikkelde financiële constructies en reddingsacties van de gemeente onder verschillende namen bestaan, tot het Nederlandse scheepsbouwfamilieconcern Damen (12.000 werknemers) de locatie in 2013 overnam. Als meest westelijk gelegen werf duurde het bovendien even voordat de stad de plek had ingehaald.

Tot nu dus. Al ongeveer drie jaar weet directeur Schulting – hij bracht zijn jeugd door op een woonboot direct tegenover het stadhuis – dat de gemeente huizen wil laten bouwen op het terrein van zijn werf. Dat mag ook: de grond is in handen van een vastgoedconsortium waarvan onder meer bouwbedrijf VolkerWessels deel uitmaakt. Die club kocht de grond in 2018 van een groep banken. Damen had zelf een bod klaar, maar werd op het laatste moment afgetroefd. De projectontwikkelaars zagen er kansen voor een mooi bouwproject.

Voor Damen was dat wrang, zegt Schulting. Nu is het bedrijf gedwongen de grond te huren, en loopt het contract in 2028 af. Voor daarna staan de sloopkranen klaar. Tenminste: als er niks anders gebeurt.

Banen koesteren

Dat de scheepsreparateur tegen z’n zin en zonder compensatie dreigt te moeten vertrekken, heeft in Amsterdam geleid tot ophef. Ja, ook de gemeente is voorstander van bebouwen van de werf. Zo staat het in de plannen voor Havenstad, waarbij in een deel van de haven nieuwe woonwijken komen. Zo kun je bouwen in de natuur buiten de ringweg vermijden. De raad zal daartoe het bestemmingsplan wijzigen – want een meerderheid is voor.

Als in een deel van de haven nieuwe woonwijken komen, kun je bouwen in de natuur buiten de ringweg vermijden

Toch voelt geen enkele partij zich helemaal lekker bij het idee dat Damen onder druk van woningbouw mogelijk verdwijnt. „Deze werf zit er al honderd jaar”, zegt Diederik Boomsma, fractievoorzitter van het CDA in de gemeenteraad. Zijn motie die GroenLinks-wethouder Marieke van Doorninck oproept een oplossing te vinden voor de werf, werd vorig jaar unaniem aangenomen – ook door al die voorstanders van woningbouw. Boomsma: „Ik denk dat we de werf veel meer moeten koesteren. Je vindt er een soort banen waar we er in de gemeente niet veel van hebben.” In de Tweede Kamer werd een vergelijkbare VVD-motie aangenomen.

Boomsma heeft het over mensen als Zdravko Jovic, een metaalbewerker die 46 jaar geleden op de werf kwam werken door een Joegoslavisch uitwisselingsprogramma – en nooit meer is vertrokken. Of mensen als Manolito Kool. Mensen die je de laatste industrie-arbeiders van Amsterdam zou kunnen noemen – want zoveel van dit soort werk is er in deze regio niet meer over. Die van het werk op de werf houden, omdat het elke dag anders is: dan weer repareer je een beschadigde scheepsschroef, dan verf je een hypermoderne bijlboeg.

Lasser Kool werkt en woont al bijna zijn hele leven in Amsterdam-Noord. Hij loopt in negen minuten van zijn huis in de voormalige arbeiderswijk Tuindorp Oostzaan naar de hal waar hij sleutelt aan schroeven en roeren. Hij heeft zelfs nog gewerkt in de loods op de NDSM-werf waar nu kunstenaars en ateliers in zitten, en waar de PvdA weleens een partijbijeenkomst houdt.

Daar binnenstappen vindt hij eigenlijk nog steeds moeilijk. „Je hebt toch het gevoel: daar zijn die hallen eigenlijk niet voor bedoeld.”

Juist het lot van deze arbeiders maakt dat de kwestie van links tot rechts tot ongemak leidt. Daar komt bij dat iedereen begrijpt dat het met het oog op scheepsongelukken niet zo handig is de laatste grote reparatiewerf van het Noordzeekanaalgebied te sluiten.

Alleen: een oplossing is nog niet zo gemakkelijk. De gemeente heeft geprobeerd het zogenoemde ADM-terrein aan te kopen: een voormalige scheepswerf in het Westelijk Havengebied, die de laatste decennia vooral bekend werd als krakersvrijplaats. Dáár zou Damen zich wel kunnen vestigen, was de gedachte, in een constructie waarbij het bedrijf voor ongeveer 60 miljoen euro investeert en de gemeente mogelijk een soortgelijk bedrag bijdraagt.

Drie weken geleden bleek echter dat het de gemeente niet gaat lukken het terrein te kopen. Het bleek onmogelijk overeenstemming te vinden over de prijs met de vastgoedontwikkelaar die eigenaar is. Op dit moment zoekt de wethouder uit of Damen op een andere manier financieel gesteund kan worden bij verplaatsing – maar zicht op een locatie is er niet direct.

Compacte werf

Dat het de gemeente zo zwaar lijkt te vallen om wonen en werken-met-handen in balans te brengen, heeft onder sommige planologen en sociaal geografen tot verbazing geleid. Cees-Jan Pen, planoloog en werkzaam bij de Hogeschool Tilburg, vroeg zich in een opiniestuk af of Amsterdam nog wel industriële bedrijven wil hebben. En blijft de stad zo van iedereen?

De huidige woningnood combineren met ruimte voor bedrijvigheid is voor gemeenten absoluut niet makkelijk, zegt Gert-Joost Peek, lector gebiedsontwikkeling en transitiemanagement aan de Hogeschool Rotterdam. Toch vindt ook hij de situatie in Amsterdam, waar hij eerder over publiceerde, „wonderlijk”. „Ik krijg het idee dat men alleen maar meet hoeveel woningen er nodig zijn. Terwijl je zou kunnen zeggen: moeten we er niet iets meer van vinden dat we het ene voor het andere inruilen?”

Peek trekt graag de vergelijking met Merwe-Vierhavens in Rotterdam: daar probeert de gemeente een bedrijventerrein te combineren met woningbouw, door beide op kleinere schaal ruimte te bieden. „Rotterdam is inmiddels wel van het aanvankelijk even megalomane plan-Stadshavens afgestapt. Die stap moet Amsterdam volgens mij nog maken.”


Lees ook dit verhaal over Merwe-Vierhavens

Wat Peek voor ogen heeft, komt nog het meest overeen met een plan dat Damen zélf heeft ingediend bij de gemeente voor een ‘compacte werf’. Directeur Schulting liet op kosten van Damen een architectenbureau los op het terrein. Wat als we de werf halveren en op de ene helft woningen bouwen? Móét de werf zo groot blijven, of kan het ook wat kleiner?

Wat als we de werf halveren en op de ene helft woningen bouwen? Móét de werf zo groot blijven, of kan het ook wat kleiner?

Het is niet alsof ze op de werf niet begrijpen dat er een gigantische woningnood is, zegt Schulting. De zoon van Manolito Kool kan in Noord ook geen huis vinden – in de straat van z’n vader gaan de huisjes nu voor een half miljoen weg. Schulting: „Er rijdt hier weleens een lasser met een nieuwe auto het terrein op. Dan zeggen we: wat is er gebeurd? Ik heb m’n huis in Tuindorp Oostzaan verkocht, is het dan.”

In het plan van Damen vergroeien de werf en de appartementen bijna volledig met elkaar – sommige balkons zullen rechtstreeks uitzicht bieden op de kajuiten van schepen.

Dat lijkt misschien gek: door de toenemende vergroeiing van stad en werf is de laatste jaren het aantal klachten over geluid- en stofoverlast flink toegenomen. Een paar weken geleden was er zelfs kortstondig een actiegroep van „bezorgde vaders”, zoals ze zichzelf noemden, die de fijnstofuitstoot van een tijdelijk op de werf gelegen cruiseschip vreesden.

Damen Shiprepair zit al honderd jaar in Amsterdam-Noord.
Foto Olivier Middendorp

Maar volgens Schulting kan het wel degelijk, door bijvoorbeeld een van de dokken te overkappen. Nog liever heeft hij het over het stadsstrand, of de IJpromenade – de directeur leeft zichtbaar op als hij het erover heeft. „Wij denken dat dit gebroederlijk kan.” En dan niet voor even, maar minimaal voor de komende decennia.

Lector Peek is ook enthousiast: „Experimenteren met het combineren van functies is nodig om uit te vinden wat kan in een stad. Dit is mijns inziens zo’n experiment.”

De gemeente heeft er volgens Schulting serieus naar gekeken – maar tot dusver is het college terughoudend. Daardoor blijft de toekomst onzeker. Mochten alle alternatieven sneuvelen, dan is Damen naar eigen zeggen voornemens het personeel zoveel mogelijk over te plaatsen naar een werf in Rotterdam.

Misschien, zegt Schulting, is het naïef om te denken dat er op termijn nog ruimte is voor industrie binnen de ringweg. Hij wijst op het verleden: de voorlopers van de huidige werf zaten ooit middenin het stadscentrum, bij Wittenburg. Daar liepen eind negentiende eeuw bij de tewaterlating van schepen de souterrains van gebouwen onder, of kwamen de boten vast te zitten bij de spoorbrug – waarna scheepsbouwers op den duur verhuisden naar de toen nog lege polders van Amsterdam-Noord.


Lees ook dit verhaal over de botsing tussen papierindustrie en leefbaarheid in Eerbeek

Toch blijft hij hopen. Net als zijn personeel. Na een eventuele verplaatsing zou Manolito Kool nog best op de werf willen werken – dan gaat hij voortaan wel met de auto. Uit Tuindorp zal hij naar eigen zeggen nooit vertrekken. Maar pijn zou het wel doen, als er straks woningen in zijn oude werkloods komen. „Dit is gewoon de werf.”

Is er in de stad nog plek voor industrie, of krijgen woningen prioriteit? Source link Is er in de stad nog plek voor industrie, of krijgen woningen prioriteit?

Back to top button